Directeur Jan Bobbink over innovatief en uitbreidend Qlip 

Het aantal chemische en microbiologische analyses zijn de laatste vijf jaar met veertig procent gegroeid, aldus Jan Bobbink, directeur van Qlip, het grootste melk- en zuivellaboratorium van Europa. Maar liefst 4% van de omzet wordt gereserveerd voor onderzoek dat leidt tot de ontwikkeling van de weidegangindicator, bigdata analyse, VLOG-erkenning en on-site analyses. 

Qlip is vooral bekend van de analyses van rauwe melk. Van elke melktank in Nederland die wordt geleegd, gaat er (verplicht) een monster naar het uitbetalingslab van Qlip, waar de kwaliteit en veiligheid van de melk wordt gecontroleerd. Jaarlijks worden zo’n 2,5 miljoen monsters volledig automatisch geanalyseerd in Zutphen. Daarnaast stuurt negentig procent van de veehouders in opdracht van hun veeverbeteringsorganisatie regelmatig melkmonsters van individuele koeien naar Qlip. Deze worden geanalyseerd in de andere helft van het routinelab, het melkproductieregistratielab. Ook dit lab is volledig geautomatiseerd om de grote aantallen melkmonsters, op dit moment zo’n 12,5 miljoen per jaar, aan te kunnen. Melkveehouders gebruiken deze gegevens als managementinformatie om hun veestapel optimaal te managen op het gebied van voeding en fokkerij. 

Kwaliteit en veiligheid

Naast rauwe melk analyseert Qlip ook zuiveleindproducten, zoals kaas, melkpoeder, weipoeder en zuigelingenvoeding. Jaarlijks gaat het om een half miljoen chemische en microbiologische analyses. "Bij al onze laboratoriumactiviteiten gaat het om kwaliteit en veiligheid. Zijn de claims terecht en zit in het product ook echt wat op de verpakking staat? En zitten er geen ongewenste gevaarlijke stoffen in? Dat is de kern van alles wat we hier doen", verklaart Bobbink. "Onze chemische en microbiologische analyses zijn de laatste vijf jaar met veertig procent gegroeid. Dat kwam onder andere doordat er op de Nederlandse zuivelmarkt meer spelers zijn bijgekomen. Bovendien is de zuivelmarkt internationaler geworden, waardoor er meer vraag is naar kwaliteitsborging voor de export, terwijl wij zelf ook meer klanten mochten verwelkomen uit andere Europese landen. Vandaar dat we nu ons chemisch en microbiologisch lab hebben uitgebreid van duizend naar tweeduizend vierkante meter."

>> Lees meer 

Bron: VMT, 3 november 2017, Nr 14

Door de inzet van technische mogelijkheden krijgt analyse van melk nog meer waarde, stelt Arjan Bom van Qlip. Op het melkveebedrijf helpt techniek de ondernemer met een kritische extra controle op de gezondheid van de veestapel. Arjan Bom signaleert dat op de zuivel de melkkwaliteit goed op orde heeft, vertelde hij op twee bijeenkomsten 'Melk, daar zit meer in' van voercoöperatie De Samenwerking. 'Zelfs de NVWA roemt de voedselveiligheid van de Nederlandse zuivel.'

Qlip speelt daarin een belangrijke rol. De onderneming analyseert jaarlijks 15 miljoen melkmonsters van koeien en geiten. Dit betreft melkmonsters van individuele koeien in het kader van de melkproductieregistratie, maar ook tankmelkmonsters. Een van de methoden die Qlip gebruikt is infrarood spectometrie. Door het melkmonster wordt een bundel infrarood licht gestraald. Dit genereert een specifiek melkspectrum bestaande uit ongeveer 1.100 datapunten.

>> Lees meer

Bron: Nieuwe Oogst

De Zuivel Organisatie (NZO) en LTO Nederland herkennen de bevindingen van de Nederlandse Voedsel Waren Autoriteit (NVWA) in haar vandaag verschenen risicoanalyse van de zuivelketen. Het rapport is een erkenning voor de wijze waarop de Nederlandse zuivelketen de voedselveiligheid van haar producten borgt.

De NVWA waardeert de aanpak van de gezamenlijke Nederlandse zuivelindustrie. “De risicobeheersing in de industriële verwerking van melk is goed. Dit resulteert in een zeer hoog niveau van voedselveiligheid van melk en zuivelproducten. Dat is een verheugende conclusie”, aldus de NVWA.

De zuivelsector heeft een eigen kwaliteitsborgingssysteem om de veiligheid van melk en zuivelproducten te garanderen. Dat is gebaseerd op Europese en Nederlandse wetgeving. Daar bovenop stellen zuivelondernemingen extra eisen aan de kwaliteit, de veiligheid van melk en zuivelproducten en aan diergezondheid en dierenwelzijn. Het kwaliteitssysteem wordt voortdurend geoptimaliseerd.

Bron: NZO

Get in the Ring, QLIP and HighTechXL are looking for innovative solutions to innovate the way raw milk is tested. Solutions that have the potential to disrupt the current market on testing technologies, varying from ‘lab on a farm’, to robotics and new testing technologies, improving on centralized infrared milk testing. These solutions could support both dairy farmers, as well as the dairy industry, in their quest to deliver the best dairy products to the consumer.

THE CHALLENGE

Currently, most of the dairy testing is done by shipping samples to central milk testing labs, such as QLIP. The test is done by using infrared technology to measure data, after which it’s analyzed using the tools and knowhow at QLIP’s headquarters. Technological developments are making it possible to measure almost real-time at the farm itself, potentially using other forms of measuring methods (like sensors, magnetics, etc.) to collect relevant data that can be used to determine quality, composition, safety, authenticity and maybe even more. We are looking for these type of solutions for the dairy quality assurance, regardless of what industry they originate from, whether it’s food, medical, etc.

>> Read more

Het voortschrijdend gemiddelde van het enkelvoudig celgetal tot en met juni 2017 ligt op 172.000 cellen per milliliter melk. Dat blijkt uit cijfers van Qlip in Zutphen. Sinds 2007 ziet het laboratorium een daling van het enkelvoudig celgetal. Toen lag het gemiddelde nog op 224.000 cellen per milliliter melk. Daarna zette een daling in die in 2015 tot het gemiddeld laagste celgetal van 188.000 cellen leidde. 

Meer hittestress in 2016

In 2016 was sprake van een lichte verhoging, toen het celgetal eindigde op gemiddeld 192.000. Reden voor die toename kan zijn dat het gemiddeld genomen een warm jaar was, met meer hittestress als gevolg, wat weer kan leiden tot een hogere gevoeligheid voor mastitis. Daarnaast werden in 2016 na het afschaffen van de quotering ongeveer alle koeien aangehouden die er maar waren.

Mogelijk effect fosfaatreductie

Dit jaar is er juist een duidelijke afname van het celgetal, ondanks het feit dat mei en juni erg warm waren. Mogelijk heeft de fosfaatreductie tot scherpere selectie geleid op hoogcelgetalkoeien. Arjan Bom, marketingmanager bij Qlip, heeft daar geen bewijs voor, maar noemt het ‘een mogelijke factor’ in de verbetering van de cijfers.

Een vergelijking tussen het eerste half jaar van 2016 en het eerste half jaar van 2017 leert dat het enkelvoudig celgetal tot en met juni in 2017 12.000 cellen per milliliter melk lager ligt. Ook ligt het percentage enkelvoudige overschrijdingen van de grens van 400.000 cellen nu op 1,71%, tegen 2,09% vorig jaar. Ook het driemaandelijks geometrisch gemiddelde laat dezelfde ontwikkeling zien als het enkelvoudig celgetal.

Bron: Boerderij.nl